Verleent u iemand het recht om onder uw formule te verkopen, dan moet u één maand vóór de ondertekening een ontwerp van overeenkomst én een afzonderlijk informatiedocument bezorgen.
De plicht hangt niet af van de naam van uw contract, maar wel van de vraag of het om een commerciële samenwerking gaat. De wet definieert een commerciële samenwerking als een overeenkomst waarbij iemand het recht om bij de verkoop van producten of diensten een commerciële formule te gebruiken. Eén van deze vier vormen volstaat.
Twee luiken: de belangrijke bepalingen uit uw contract, en de gegevens om de zaak te beoordelen. De eerste lijst is limitatief sinds 01/09/2024; de tweede is aangevuld sinds 01/03/2025.
Telkens "voor zover ze zijn voorzien in de overeenkomst". De wet dwingt u niet om deze 15 bedingen te hébben — ze dwingt u om ze te tónen als u ze hebt.
Dit luik gaat niet over uw contract maar over uw investering: wie is de rechtsverstrekker, hoe doet het netwerk het, en wat kost het u.
Ontwerp van overeenkomst én afzonderlijk document, te bezorgen minstens één maand vóór ondertekening, schriftelijk of op een duurzame en toegankelijke drager. In die maand mag geen enkele andere verbintenis worden aangegaan en mag geen vergoeding, bedrag of waarborg worden gevraagd of betaald — behalve uit een vertrouwelijkheidsakkoord.
Onderhandelen mag dus wél. Wijzigt daarna een gegeven uit § 1, 1°, dan loopt een nieuwe maand met een vereenvoudigd document — tenzij de rechtsverkrijger die wijziging zelf schriftelijk vroeg.
Bij hernieuwing van een overeenkomst van bepaalde duur, bij een nieuwe overeenkomst tussen dezelfde partijen, of bij wijziging van een lopende overeenkomst: opnieuw een ontwerp en een vereenvoudigd document, één maand vooraf, met enkel wat gewijzigd is.
Uitzondering: loopt de overeenkomst al minstens twee jaar en vraagt de rechtsverkrijger de wijziging zelf schriftelijk, dan hoeft er niets.
Alle bedingen en gegevens moeten duidelijk en begrijpelijk zijn. Bij twijfel prevaleert de voor de rechtsverkrijger gunstigste interpretatie. Vaagheid is hier geen stijlkwestie maar een risico met een prijskaartje.
LET OP ! Oefent de rechtsverkrijger zijn activiteit hoofdzakelijk in België uit, dan valt de precontractuele fase onder Belgisch recht en Belgische rechtbanken — ook bij een buitenlandse rechtsverlener of een buitenlandse rechtskeuze.
Bij betwisting moet de rechtsverstrekker bewijzen dat hij de verplichtingen naleefde: laat elke bladzijde dateren en ondertekenen. En omdat de nietigheid relatief is, kan er afstand van worden gedaan — maar pas ná één maand na het sluiten, en enkel als die afstand uitdrukkelijk de oorzaken vermeldt waarvan wordt afgezien.